De mazen in het net van de jeugdpsychiatrie

Dit stuk verscheen eerder in Charlie Magazine en De Morgen.

“Omdat ze vandaag niet meer terug mocht in de psychiatrische kliniek en ze ook niet mocht blijven in de spoedafdeling van een ziekenhuis, brengt ze vannacht uiteindelijk de nacht door in een doorgangscel van de Antwerpse Lokale Politie.” Dat las ik begin deze week in de krant. Mijn hart brak. Dit is het zoveelste verhaal van een kwetsbare minderjarige die, bij gebrek aan een geschikte plaats, ergens terechtkomt waar ze absoluut niet thuishoort.

Ik kan me alleen maar proberen inbeelden wat dit meisje doormaakt. Proberen. Want hoezeer je je ook verwant voelt aan iemand met mentale problemen, je kan je nooit helemaal verplaatsen in de ander. Al zeker niet als het zo’n schrijnend verhaal betreft.

Ze is zeventien jaar. Haar hele jeugd en kindertijd heeft ze alleen maar pijn gekend. Zelfverminking en dissociatie zijn daar het gevolg van, vertelt het artikel me. Zulke symptomen zijn slechts het topje van de ijsberg. Die komen nooit alleen. Dat weet ik omdat het voor mij geen onbekende termen zijn. Helaas. Toen ik pas 23 was, werd ik met ‘psychische decompensatie’ opgenomen op de Psychiatrische Afdeling van een Algemeen Ziekenhuis. Dat wil zoveel zeggen als dat mijn hoofd en lijf de grote druk niet langer konden dragen. Psychische compensatie uit zich voornamelijk in het steeds willen overwinnen van je eigen zwaktes. Hoe lang en hard je dat ook probeert: op een dag kan je gewoon niet meer compenseren. Dan is het op. Dan ben jij op en kan je jezelf alleen nog maar laten opvangen.

Maar mijn eigen situatie verbleekt bij de verhalen van de kinderen en jongeren die door de mazen van het net vallen. De gigantische mazen van het net dat deze regering gespannen heeft voor eender wie nood heeft aan psychische gezondheidszorg. Als we inzoomen op de kinder- en jeugdpsychiatrie in ons land, stellen we vast dat het net daar op allerlei plekken zelfs is doorgeschoten. Het gaat hier om kinderen die a priori al veel kwetsbaarder zijn dan anderen. We zouden hen moeten opvangen met liefde, warmte, en gepaste zorg. In plaats daarvan maken we hen het leven nog eens zo moeilijk.

Als we de bevoegde minister De Block moeten geloven, is er echter geen probleem. Er zijn meer dan voldoende bedden in de kinder- en jeugdpsychiatrie. Als dat echt zo is, maakt dat de hele situatie des te schrijnender. Dat wil zeggen dat kinderen en jongeren terechtkomen in instellingen voor volwassenen en politiecellen, terwijl er ergens in Vlaanderen een hoop lege bedden op hen te wachten staat.

We besparen op wat ons het meest dierbaar is: onze kinderen.

Uit cijfers van de Wereldgezondheidsorganisatie blijkt dat maar liefst 20 procent van de kinderen en jongeren in onze maatschappij lijden onder psychische problemen. 5 procent daarvan heeft klinische hulp nodig. Als we die percentages op Vlaanderen en een deel van Brussel toepassen, komen we voor 2014 uit bij 265.000 jongeren met psychische problemen, waarvan er 66.000 klinische hulp nodig hebben. De Wereldgezondheidsorganisatie stelt ook vast dat zowat de helft van alle mentale stoornissen bij volwassenen, reeds zichtbaar zijn voor de leeftijd van 14 jaar. Als we dus meer zouden investeren in de behandeling en opsporing van mentale problemen bij jongeren, kunnen we er zelfs voor zorgen dat psychische aandoeningen minder kans krijgen zich te ontwikkelen. Zo maken we weerbare mensen. En dat is niet enkel goed voor hen, maar voor iedereen.

Ganser dagen horen we oeverloos geblaat over hoe we de economie moeten redden en hoe iedereen lijdt onder de crisis. Het gevolg daarvan is niet dat de rijksten onder ons minder bonussen krijgen of dat hun dure bedrijfswagen vervangen wordt door een treinabonnement. Neen. Het gevolg daarvan is dat we besparen op wat ons het meest dierbaar is (of dat althans zou moeten zijn): onze kinderen.

We zien het in de kinderopvang, in het onderwijs, in de zorgsector: overal doen we onze kinderen tekort. Is dat de maatschappij waarin we willen leven? Is het nog verantwoord onze kinderen twee jaar lang te laten wachten alvorens ze in behandeling kunnen bij een psychiater?

Een meisje van zeventien bracht de voorbije nacht – geheel onterecht – door in een politiecel. Ze was niet de eerste en zal wellicht niet de laatste zijn. Ik weet niet wàt er nodig is om onze regeringen wakker te schudden. Ik hoop wel dat het niet lang meer duurt. Want het is niet eens vijf voor, of vijf na twaalf meer. Nee, de batterijen van de klok zijn al lang leeg: niemand heeft nog een idee van hoe laat het precies is.

Naar aanleiding van dit stuk, was ik woensdag ook te gast in ‘De Wereld Vandaag’ op Radio 1. Het interview kan je hier herbeluisteren.

Advertenties

Een gedachte over “De mazen in het net van de jeugdpsychiatrie”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s